130 / Buiten bereik: Hans riep na een scherpe grap altijd:
“Zeg, wil jij soms door een rietje drinken? Moet je aan het infuus?”
Het duurde maanden voor ik het dreigement begreep en toen snapte ik het nog niet. Hij was een zachtmoedig mens, de behulpzaamheid zelve, iemand die fluitend veertig kilometer omrijdt om een kennis van een kennis veilig thuis te brengen. Ik kan me niet voorstellen dat hij ooit gevochten heeft.
Eenmaal zag ik hem ziedend, op de baas. Blozend, stotterend, zoekend naar woorden. Hij keek mij wanhopig aan. Hij schudde machteloos met zijn schouders. Rietje en infuus waren ver buiten bereik.