134 / Boodschap doorgeven: In Frankrijk, bij de bakker in een dorpje waar we een paar keer kampeerden. De telefoon ging.
“Mijn man” zei de bakkersvrouw. “Excuus.”
Ze was een jaar of dertig, mooi, verlegen, grote zwarte ogen.
Hij gaf bestellingen op. Zij herhaalde: “farine, campagne, tartelette.”
En namen: Le Grand, Pinon, Robique.
Alles leek te rijmen.
Aan de andere kant zei de mannenstem nog iets. Toen was het stil. Zij sloot even haar ogen en zei zacht en warm als in een Franse film: “Je t’ embrasse”.
Er waren vijf, zes klanten in de winkel. We leken er allemaal warm en verlegen van.