146 / De top: Ik liep eens naar de hoogste Spaanse Pyreneeëntop, de Perdido. Ik was met andere lopers en we waren van alles voorzien: zware schoenen, stokken, water, proviand. Er waren een paar lastige stukjes: een lange richel, een smal spoor door de sneeuw, de passage van een kloof. En het was ver. Erg ver. We werden stil. Toen zagen we de top. We werden uitbundig, grapten, zongen. We voelden ons beslist heel wat. Tot we echt boven waren. Daar zat een stokoud Spaanse echtpaartje. Zij met wat brood. Hij met een glas wijn. Plots was onze expeditie tot een zondagmiddagwandelingetje gereduceerd.