Nieuwe typmachine: Ik hoor vader nog typen, het gedaver van de letters op papier, snel en hard als een zware regenbui. Het belletje, de regelomhaal, het knerpen van de papierrol, als hij een vel in een ruk uit de machine trok. Dat vond ik als kind het mooiste. Op een dag kwam er een nieuwe schrijfmachine, een witte Adler. Alles ging mis. Hij sloeg tussen de toetsen, maakte fout na fout. Hij zuchtte en snauwde. Een wanhopige sfeer daalde over ons neer. Ik was amper zeven en dacht dat het nooit meer goed zou komen. Een halve week later was hij gewend.