113 / Beste koe: Onder Frejus legde ik een fundering aan nabij een vervallen boerderij. Ik ploeterde met houweel en drilboor in de volle zon. Op de laan een onheilspellende sfeer.
Vanaf de boerderij kwam een oude vrouw aangestiefeld. Zij mompelde iets in slecht- verstaanbaar Frans.
“Oui” antwoordde ik maar.
Even later kwam zij terug, met een dienblad. Daarop een glas melk, vet, klonterig, zo van de koe.
Ik zette mijn lippen aan het glas, rook de weeë melk, dronk aarzelend, proefde, zo vet!
Zij observeerde mij nauwlettend, gaf een schouderklopje, mompelde:
“Mijn beste koe.”
En ik kreeg het gevoel dat ik dat was.