114 / Angstaanjagende asbak: Ik trof op een tentoonstelling een oud-collega.
Hij zei: “Weet je dat ik soms overal aan twijfel. Wat links is, wat rechts, mijn huisnummer, mijn straat, of ik mijn werk goed doe, of ik niet liever wegloop, of ik niet al weggelopen ben. Laatst zat ik in mijn kamer, keek naar de asbak en dacht: zodra ik vraag, wat is dat? weet ik het niet meer. Dat maakt me bang. Bang voor de asbak”
Hij zweette. Hij trilde.
Een week later kwam ik hem nogmaals tegen.
“Hoe is het nu?’
“Perfect”
Vol bravoure. Maar in zijn ogen blonk de onzekerheid.